vorige edities
 
 
 


vorig bericht   |   overzicht   |  volgend bericht

PZC, 6 september 2004

Johnny Hoogerland rijdt als jonge hond

door Koen de Vries

GOES - De allereerste vluchter in de 44e editie van de Delta Profronde was er een van eigen bodem. Na amper vijf kilometer, bij het inrijden van Vlissingen, demarreerde Johnny Hoogerland uit Yerseke. Het was een teken van ambitie en gretigheid, maar achteraf vroeg Hoogerland zich af of het wel zo slim was geweest.

Het was in elk geval een mooi gezicht. Voorafgegaan door een colonne luidruchtige auto’s en motoren reed Johnny Hoogerland zaterdagmiddag frank en vrij over de boulevard. Links en rechts toegejuicht alsof prins Willem Alexander de Scheldestad bezocht. Het eerbetoon duurde maar kort. Nog voordat hij Vlissingen had verlaten, werd Hoogerland weer opgeslokt door het peloton. ,,Misschien was die demarrage wel een beetje dom’’, verklaarde de nog opmerkelijk fitte Hoogerland na de finish in de Goes Anthony Fokkerstraat. Hij werd 22e, maar had op meer gehoopt. Op een plaats in de toptien en op een prominentere rol in de koers. ,,Toen het peloton me had teruggepakt, heb ik het nog twee keer geprobeerd. Daarna reed een ploeggenoot met acht anderen weg en bleef zestig kilometer voorop. Daar had ik graag bij willen zitten.’’

Al aan het begin van het seizoen had hij zich voorgenomen om op 4 september op eigen bodem te schitteren en zette daarvoor veel opzij. De renner van de Van Hemertploeg zegde mede vanwege zijn ambities in de Profronde zijn baan op bij de Slager op Wielen. Vorige week, aan het eind van de Ronde van Tsjechië, beleefde Hoogerland enkele angstige momenten toen een ploeggenoot doodziek werd door een voedselvergiftiging en hijzelf zich ook plotseling niet lekker voelde. Aan de start op de Markt van Middelburg stond echter een gezonde wielrenner, die verklaarde aan het begin van de koers heel goed op te zullen letten. Dat deed hij ook, maar hij was net iets te gretig.

De rest van de koers reed Hoogerland steeds in de voorste linies. Ook op de schaarse stukken waar de wind de renners zachtjes in het gezicht blies, schuwde hij het kopwerk niet. Toen in de voorlaatste ronde vier renners wegreden, kwam Hoogerland net tekort, maar in de jacht op het kwartet speelde hij weer een voorname rol.

In de sprint had Hoogerland nog wel wat over, maar stuitte in zijn opmars op een ondoordringbare veste van renners voor hem. Zo bleef de beste Yersekse renner ooit in de Profronde Vital Timmermans. Hij sprintte in 1996 naar de zesde plaats en verdiende een zak vol punten voor de wereldranglijst.

Richard Slabbekoorn was de tweede Zeeuw in koers. Hij hield zich 165 kilometer in het peloton staande, maar net toen zijn vader hem bij de tweede doorkomst in Goes nog een bidonnetje wilde aanreiken, hield de renner uit Kapelle het voor gezien.

 
 
 
 
 
 
 
 
 
 
 
 
 
 
 
 
 
 
 
 

Terug omhoog     

Laatst bijgewerkt op dinsdag 10 mei 2005 om 19:42 uur